
,,De Grensmaas? Dat is voor mij een slimme combinatie
van economische activiteiten, veiligheid en natuur. En met die economische
activiteiten bedoel ik de grindwinning die het hele project betaalbaar
maakt. Het draagvlak voor de uitvoering is groot. Zeker bestuurlijk,
maar ook onder de bevolking. Natuurlijk is er niet alleen maar blijdschap.
De uitvoering van de Grensmaas brengt immers ook overlast met zich
mee. Maar uiteindelijk draait het er om, dat Zuid-Limburg aanzienlijk
beter beschermd wordt tegen een nieuwe hoogwatergolf van de Maas.
Ik maak me wel zorgen over het tempo waarin de plannen gestalte
krijgen. Problemen met de grondverwerving, weerbarstige onteigeningsprocedures,
de traagheid van processen en de soms geringe slagkracht van overheden.
Die procedures en al het gepolder en gepraat, halen de vaart er
telkens weer uit. Dat moet sneller en efficiënter, willen we
straks niet weer met vertragingen worden geconfronteerd.
De rol van de provincie? We hebben uiteraard een controlerende en
handhavende taak. Afspraken die gemaakt zijn, moeten ook worden
nageleefd. Maar er is meer. We willen ook faciliteren en als het
nodig is, moeten we meehelpen om alternatieven te ontwikkelen en
daarvoor ook weer draagvlak te creëren.
Ik woon zelf in Venray. En ook in Noord-Limburg hebben de mensen
een band met de Maas. Tijdens de hoogwatergolven van 1993 en 1995
ben ik heel vroeg in de ochtend vaak poolshoogte gaan nemen. In
plaatsen als Venlo, Wanssum en Arcen. Fascinerende taferelen. Die
kracht van het water. De natuur die veel sterker is dan de mens.
Dat water dat in die dagen niet in bedwang te krijgen was. Juist
daarom is die Grensmaas zo’n belangrijk project. Een van de
belangrijkste uit m’n portefeuille. Niet alleen omdat er zoveel
geld mee gemoeid is, maar ook omdat het zoveel voordelen biedt voor
mens en natuur.”
|